Integratie van ICT

Visie en doelstellingen

We kunnen niet meer om de toenemende digitalisering van onze wereld heen. Die razendsnelle evolutie transformeert de dagelijkse praktijk van onze leerkrachten diepgaand en beheerst alsmaar meer het leven van onze jongeren. Als we jou willen helpen om jezelf te realiseren in de snel veranderende samenleving, dan moeten we jou ook competent maken in het omgaan met media en informatie- en communicatietechnologie. Het hoeft niet te verwonderen dat de nieuwe leerplannen van het gemoderniseerde secundair onderwijs mediawijsheid en digitale geletterdheid als doelstellingen opnemen.

Vanuit de onderwijskundige diensten worden visie en richtlijnen uitgetekend om de integratie van ICT  (informatie- en communicatietechnologie) op een effectieve manier mogelijk te maken binnen het onderwijsproces. Onze school vindt het belangrijk ook op het vlak van digitalisering een eigentijds beleid te voeren en ICT op een zinvolle manier in de lessen in te zetten. We geloven sterk in de integratie van ICT als hulp bij je leerproces en bij de taakspanning van de leerkracht. In overleg met het ICT-team worden de visie en beleidslijnen van de school en de ondersteuning bij de uitwerking ervan jaarlijks geactualiseerd. Deze visie hangt nauw samen met onze visie op leren en op ondersteuning.

Om ons digitaal leren te realiseren is het nodig dat elke leerling thuis een computer en een internetverbinding ter beschikking heeft. Bij voorkeur is dat een laptop die ook in de klas kan gebruikt worden. We zijn er ons van bewust dat deze huur/aankoop van ouders een grote investering vraagt. We zijn evenwel overtuigd van de meerwaarde ervan voor ons onderwijs.

De computer vervangt de vakleerkrachten en de andere leermiddelen niet. Leraren zetten de laptop in waar hij een meerwaarde betekent voor het leerproces van hun leerlingen. Ze zullen jou dus niet voortdurend voor je computerscherm plaatsen. We streven immers naar een leerrijke en motiverende afwisseling in werk- en leervormen (blended learning). De gedrevenheid en de regelmatige professionalisering van onze leraren en hun bereidheid om innovatie te omarmen zorgen voor kwaliteitsvol onderwijs.  

 

 

 

 

Digisprong

Digisprong is een digitaliseringsplan van de Vlaamse Regering voor het Vlaamse onderwijs dat gepaard gaat met een ongeziene investering om de achterstand in Vlaanderen inzake digitaal onderwijs om te buigen in een voorsprong.

Uit de visienota “Digisprong” van de Vlaamse regering

“Vlaanderen grijpt de coronacrisis aan om in het kader van het relanceplan ‘Vlaamse Veerkracht’ een historisch bedrag van 375 miljoen euro te investeren in een grote digisprong voor álle scholen, leerlingen en leerkrachten. Vlaanderen is in toenemende mate een kenniseconomie en investeringen hierin zijn dan ook bijzonder kritisch voor onze toekomst […] Nu is het tijd om in hoogste versnelling te schakelen via een ongeziene historische investering in digitaal onderwijs, om zo vorm te geven aan meer onderwijskwaliteit in het digitale tijdperk. 

Diverse onderzoeken en internationale vergelijkingen tonen aan dat het Vlaams onderwijs achterop loopt op vlak van digitalisering ten opzichte van andere landen. […] Volgens de resultaten van PIAAC hebben 19% van de volwassenen een (te) laag probleemoplossend vermogen in een technologierijke omgeving. Uit de ICT-monitor MICTIVO (2018) blijkt dat een groot deel van de ICT-infrastructuur in scholen verouderd is en dat het effectieve gebruik van technologie en digitale leermiddelen eerder laag is. […] Uit het PISA-onderzoek van 2018 blijkt dat we onder het OESO-gemiddelde scoren wat betreft de vaardigheden van leerkrachten om digitale middelen te integreren in hun lessen met een 63ste plaats op 78 landen. […] TALIS 2018 toont dat het gebruik van ICT slechts beperkt aan bod komt in de Vlaamse lerarenopleidingen.

We grijpen de Corona-crisis aan om de toekomst te veranderen. En dus om van (ICT-)achterstand naar voorsprong te wippen. Een eerste voorwaarde daartoe betreft de ICT-uitrusting van scholen en leerlingen.” (Visienota “Digisprong” VR 2020 1112 DOC.1425/1QUATER p.2-3)

Doelstelling

“Digitalisering blijft wel een middel en is geen doel op zich. De belangrijkste reden is het onderwijs effectiever maken, de leerprocessen te versterken en ervoor te zorgen dat er meer en diepgaander geleerd kan worden. Het is een middel om noodzakelijke ICT-competenties bij de leerlingen te bereiken én om het onderwijsproces ten volle te ondersteunen. Digitale middelen bieden extra kansen voor differentiatie om sterkere leerlingen verder uit te dagen en kwetsbare leerlingen gerichter te ondersteunen […], om afstandsonderwijs te voorzien in bepaalde situaties […], om inzicht in studievoortgang bij leerlingen via learning analytics te verwerven, om administratieve processen te vereenvoudigen, om communicatie met leerlingen, cursisten en ouders… te optimaliseren. Maar evenzeer is digitalisering nodig om de attractiviteit van ons Vlaams onderwijs te versterken door gebruik te maken van nieuwe technologieën. 

Met deze digisprong willen we dus een kwaliteitsvolle digitalisering in het onderwijs realiseren om de volwassenen van morgen voor te bereiden op het functioneren in een technologische maatschappij.” (Visienota “Digisprong” VR 2020 1112 DOC.1425/1QUATER p.3)

Vier cruciale speerpunten

Bron: Visienota “Digisprong” VR 2020 1112 DOC.1425/1QUATER p.4-9.

1) Een toekomstgerichte en veilige ICT-infrastructuur voor alle scholen van het leerplichtonderwijs

​Elke school beschikt over een kwaliteitsvolle digitale infrastructuur die digitale didactiek en veilig ICT-gebruik mogelijk maakt: kwalitatieve hardware, netwerk- en serverinfrastructuur, telecom, performante internetverbinding en connectiviteit, beveiligingssoftware en randapparatuur zoals routers en beamers, goed beheer en onderhoud, aandacht voor het veilig houden van het ICT-park en het omgaan met privacyaanvallen zoals hacking en phishing (cybersecurity), principes van duurzaamheid en circulariteit.

2) Een sterk ondersteunend en doeltreffend ICT-schoolbeleid

  • De overheid voorziet voldoende ICT-coördinatie en versterkt het ambt van ICT-coördinator zowel inhoudelijk als statutair. De huidige ICT-omkadering die de scholen ontvangen voldoet immers niet om de huidige uitdagingen aan te gaan.

  • Alle scholen voeren een doeltreffend ICT-beleid gestoeld op een schooleigen visie. Het volstaat niet om enkel een hoeveelheid toestellen te voorzien. Een kwaliteitsvolle digitalisering is ingebed in een duidelijke schoolvisie die bepaalt wat de school met en voor leerlingen wil bereiken en hoe technologie daartoe kan bijdragen. De aandacht voor de problematiek van cyberpesten vraagt daarbij eveneens gerichte aandacht.

3) ICT-competente leerkrachten en lerarenopleiders en aangepaste digitale leermiddelen

  • Alle leerkrachten en lerarenopleiders beschikken over de nodige digitale competenties en kunnen zich specialiseren. 
    ICT-competenties van lerenden kunnen alleen maar groeien onder begeleiding van een deskundig schoolteam met de juiste ICT-competenties. Kennis, competenties en attitudes ten opzichte van ICT in het pedagogisch didactisch handelen, het werken in de schoolcontext en de eigen professionele ontwikkeling zijn cruciaal om de digisprong te doen slagen. Het Europese referentiekader DigCompEdu is hiervoor de leidraad. Een gerichte en dringende impuls via laagdrempelige professionaliseringsmogelijkheden voor alle leerkrachten en het voorzien van intensieve ICT-bootcamps is cruciaal om de noodzakelijke sterke inhaalbeweging te realiseren.
    Lerarenopleiders missen de juiste ICT-competenties en vullen hun rolmodel op dit vlak nog onvoldoende in. Beginnende onderwijsprofessionals zijn niet gewapend tegen de praktijkshock en de digitale uitdagingen op het onderwijsveld. Een gerichte impuls is hier eveneens broodnodig.

  • Vlaamse onderwijsinstellingen hebben toegang tot kwaliteitsvolle en innovatieve leermiddelen, leerplatformen en digitale evaluatievormen o.a. via een single sign on-principe. 
    De Vlaamse overheid wil de toegang tot digitale leermiddelen vergemakkelijken via de creatie van een “Single Sign On” infrastructuur, een kwaliteitskader digitaal onderwijs ontwikkelen al dan niet geïntegreerd in de bestaande kaders als richtsnoer voor het onderwijsveld met het oog op gericht kwaliteitstoezicht, KlasCement uitbouwen als “uniek platform” voor educatief open lesmateriaal met aandacht voor innovatie, het Archief voor Onderwijs verder uitbouwen met uitgebreide leerlingentoegang en extra functies voor leraren, toegang tot betaalbare software mogelijk maken, i-learn evalueren en onderzoeken hoe aan het concept gepersonaliseerd leren kan vorm gegeven worden, afspraken maken over de ontwikkeling, de aankoop en het gebruik van onderwijssoftware.

4) Een kennis- en adviescentrum ‘Digisprong’ ten dienste van het onderwijsveld

Scholen worden via een centraal kennis- en adviescentrum “Digisprong” ondersteund bij de digitalisering van hun onderwijs.

Om deze doelstelling te bereiken voorziet de Vlaamse regering in het oprichten van een centrale ondersteuningsstructuur in de vorm van een kennis-en adviescentrum “Digisprong” ten dienste van het ruimere onderwijswerkveld met inbegrip van de pedagogische begeleidingsdiensten, een datagedreven, kwaliteitsvolle en vereenvoudigde digitale dienstverlening aan de scholen, de ontwikkeling van een inspiratiegids met goede praktijken en tips om scholen te begeleiden in de digitale transformatie, het versterken van een informatie- en data-onderbouwd onderwijsbeleid (data-analyse doelgericht gebruikten bij beleidsvoering en visieontwikkeling) en een digi-check van de onderwijsregelgeving om ze digitaal vriendelijk te maken. 

Monitoring en onderwijsinspectie

Bron: Visienota “Digisprong” VR 2020 1112 DOC.1425/1QUATER p.9-10.

De onderwijsvernieuwingen op het werkveld zullen nauw opgevolgd worden door de ICT-monitor MICTIVO. MICTIVO verschaft beleidsinformatie omtrent infrastructuur, aard en frequentie van gebruik, computervaardigheden en percepties via meer dan 20 indicatoren.

Tijdens de schooldoorlichtingen neemt de onderwijsinspectie de ICT-component (infrastructuur, schoolbeleid, ICT-gebruik, enz.) op in het toezichtskader. Ze baseren zich daartoe op het referentiekader onderwijskwaliteit (het OK) en het nog te ontwikkelen referentiekader ‘digitaal onderwijs’ al dan niet geïntegreerd in de bestaande kaders. Over de digitale vooruitgang van de scholen wordt jaarlijks gerapporteerd.

Algemene infrastructuur

Onze school wil goed uitgerust zijn en blijven, en investeert daarom ook in de noodzakelijke ICT-infrastructuur. We beschikken over twee open leercentra met vast opgestelde pc’s en ruimte voor groepswerk en twee vaklokalen ICT met  vast opgestelde pc’s. Deze laatste zullen geleidelijk afgebouwd worden naarmate de mobiele toestellen meer ingezet worden.

Alle pc’s en laptops in klaslokalen, vaklokalen en open leercentra zijn aangesloten op het internet en op het schoolnetwerk. In alle lokalen kunnen de leraren (draadloos) verbinding maken met beamer en  scherm voor audio en video. 

Elke leraar die het wenst, wordt uitgerust met een laptop van de school.

Om het digitaal leren in onze school ten volle te verwezenlijken is het bovendien nodig dat elke leerling niet alleen thuis een computer en een internetverbinding ter beschikking heeft, maar vanaf 1 september 2021 ook op school met eigen laptop kan werken. Onze school maakt de overgang naar een eigen toestel voor elke leerling. Voor alle graden geldt dat het gebruik van digitale toestellen binnen onze schoolmuren enkel is toegelaten in de lessen.

Onze leerlingen worden elk jaar verplicht een locker te huren. Ze kunnen daarin ook hun laptop veilig opbergen.

 

 

 

Eerste graad

Vanaf 1 september 2021 zullen alle leerlingen van de eerste graad een laptop van de school kunnen huren die ze zowel in de klas als thuis kunnen inzetten voor hun digitaal leren en werken. Het gebruik ervan in de les gebeurt alleen in afspraak met en met toelating van de leerkracht.

Op het einde van het tweede jaar moet je de eindtermen van digitale basisgeletterdheid hebben bereikt. Voor de realisatie van het gemeenschappelijk leerplan ICT (GLI) in de eerste graad is er géén apart vak ICT of computerwetenschappen. In het eerste jaar word je tijdens de introductieweek ingewijd in enkele belangrijke toepassingen (aanmelden op Smartschool en andere platforms, je wachtwoord instellen, je laptop leren gebruiken, de netiquette toepassen, een mappenstructuur aanmaken …). Verder worden de leerplandoelstellingen, zowel in het eerste als in het tweede jaar, in zo veel mogelijk vakken aangeleerd, ingeoefend en geëvalueerd. We laten je in de verschillende vakken geregeld zelfstandig, individueel of in groep, met ICT werken. ICT wordt met andere woorden geïntegreerd in de bestaande vakken, zodat de ICT-basisvaardigheden van de leerlingen in verschillende lestijden en domeinen en door het team van alle leraren getraind worden. Afhankelijk van het keuzegedeelte of de basisoptie leer je in de lessen of in een workshop ook je eerste stappen zetten in  computationeel denken en programmeren.

We maken ook tijd voor fysieke ergnomie. Dat wil zeggen dat we jou een gezonde houding aan de computer bijbrengen zodat je geen fysieke klachten krijgt. We geven jou bovendien tips om het gewicht van je boekentas te beperken.

De evaluatie van je ICT-vaardigheden gebeurt tussentijds (dagelijks werk) en met een eindproef op het einde van een trimester, waarbij alle aangeleerde vaardigheden worden getoetst.

Tweede en derde graad

Je leerkrachten ondersteunen de lessen steeds meer met digitale toepassingen. Ze nemen zelf het initiatief om met de verschillende platforms aan de slag te gaan om hun vakken digitaal te ondersteunen. ICT wordt geïntegreerd als middel om beter te onderwijzen en meer leerwinst te realiseren. Ook bij het werken aan de onderzoekscompetentie kan ICT ondersteunend ingezet worden. Dat kan enkel efficiënt als je over een eigen laptop beschikt. Ook de eventuele overgang naar het afstandsleren verloopt probleemloos met een eigen laptop.

In de derde graad zijn we enkele jaren geleden gestart met het Bring Your Own Device-project (BYOD). Onze vijfde- en zesdejaars kopen een door de school geadviseerd toestel aan of brengen hun eigen laptop mee naar school. Vanaf 1 september 2021 breiden we dit project uit naar de tweede graad. Het gebruik van de laptop in de lessen en studie-uren gebeurt in de tweede graad alleen in afspraak met en met toelating van de leerkracht. In de derde graad is het correct inzetten van de laptop in voorbereiding op de hogere studies de verantwoordelijkheid van de leerlingen.

De evaluatie gebeurt in de tweede graad tussentijds (dagelijks werk) en met een eindproef op het einde van een semester, waarbij alle aangeleerde vaardigheden worden getoetst. Voor de evaluatie in de derde graad wachten we de verdere informatie van de overheid over de modernisering af.

 

Softwaretoepassingen en online diensten

Voor het digitaal leren gebruiken we in onze school het besturingssysteem Windows 10 van Microsoft. 

In de context van ICT-integratie wordt van leerlingen verwacht dat ze flexibel leren omgaan met heel wat, bij voorkeur recente, software. Ons onderwijs maakt gebruik van online digitale platforms. Onze leerlingen leren er in hun cyclus van zes jaar vooral werken met volgende softwaretoepassingen:

  • de online toepassingen van Google Workspace (G Suite for Education) 

  • Microsoft Office 365 (online en offline), de  online opslagdienst One Drive en Teams (samenwerkingsplatform)  van Microsoft;

  • de leer- en communicatieomgeving Smartschool: digitale schoolagenda, de verschillende vakmappen (met vaknieuws en uploadzone), een persoonlijke documentenmap, Skore (rapporten online), Smartschool Live (videogesprek), de berichtenmodule voor interne communicatie, Intradesk (mappensysteem met documenten);

  • softwaretoepassingen van het platform Academic Software. Dankzij dit platform kunnen we onze leerlingen de mogelijkheid bieden om tegen een lage kostprijs zowel thuis als op school over de juiste, legale software en updates te beschikken door deze via het platform te downloaden.

De leerlingen kunnen vele softwaretoepassingen gratis, andere aan een democratische prijs installeren of gebruiken met hun schoolaccount. 

Digitaal aanbod

Naast schoolboeken en notities krijgen de leerlingen ook een digitaal aanbod. Leraren en vakgroepen bieden via de digitale platforms eigen cursussen, lesmateriaal, extra oefeningen en remediëringsoefeningen, taken, vaknieuws en weblinks online aan. Uitgeverijen voorzien een koppeling tussen leerwerkboeken en digitaal oefenmateriaal. Vaak hoort bij een schoolboek een toegangscode tot een online platform of verloopt die toegang via Smartschool.

Mediawijsheid

Je groeit op in een multimediale wereld waarin informatie- en communicatietechnologie alomtegenwoordig is. Nog al te vaak worden ICT en media door jongeren op een weinig beredeneerde wijze gebruikt. Kunnen omgaan met moderne technologie op een kritische en efficiënte, maar ook verantwoorde en veilige manier, vereist een nieuw pakket aan basiscompetenties. Zowel in de lessen als met zorgvuldig gekozen, jaarlijks terugkerende activiteiten in de drie graden willen we jou sensibiliseren voor online normen en waarden, en jou mediawijs maken, zodat je bewust, selectief en weerbaar leert omgaan met het enorme aanbod van mediaproducten (tv-programma’s, films, games, sociale media …). We beogen daarbij dat je

  • je tijdsbesteding met media zelf onder controle houdt;

  • doorziet welke informatie in de media waar, onwaar, waardevol is;

  • correct omgaat met bronnen;

  • begrijpt hoe media invloed kunnen uitoefenen;

  • zelf respectvol informatie kan uitdragen via de media.